In de middeleeuwen werden in grote delen van Europa leprozenhuizen gebouwd. Mensen met lepra werden in deze huizen afgezonderd van de rest van de bevolking om zo het risico op besmetting te verkleinen. Kunstenaar Werner van den Valckert schilderde het bestuur van het Amsterdamse Leprozenhuis, dat heel dicht bij het huidige stadhuis stond.

Tijdens de Romeinse veroveringen en de kruistochten verspreidde lepra zich razendsnel door Europa. Deze infectieziekte was enorm besmettelijk en tastte de zenuwen aan. Daardoor ontstonden er verlammingen en werden delen van het lichaam gevoelloos. Mensen met lepra voelden niet wanneer ze ergens tegenaan liepen, of wondjes hadden. En kregen dus grote wonden, verminkingen en raakten zelfs blind. Ze zagen er grof gezegd afzichtelijk uit.

Straf van God

Lepra werd gezien als een individuele straf van God. De ziekte werd ook wel de ‘ziekte van Lazarus’ genoemd, naar de rijke man en de arme Lazarus uit de Bijbel. Het verhaal vertelt over een vermogende man die in weelde en overvloed leeft, terwijl bij zijn poort de zieke Lazarus ligt, die honger lijdt en bedekt is met zweren.

Rijkdom moet gedeeld worden

Lazarus hoopt dat hij restjes eten van de rijke man kan bedelen, maar het enige dat hij krijgt zijn honden die zijn zweren likken. De man viert feest en kijkt niet naar Lazarus om. Wanneer Lazarus sterft, brengen engelen hem naar de hemel. Maar de rijke man belandt na zijn dood in de hel, waar hij lijdt. Vanuit de hel ziet de rijke man Lazarus en smeekt om genade, maar de kloof tussen beiden is te groot. De gelijkenis benadrukt dat rijkdom gedeeld moet worden en dat het negeren van je naaste gevolgen heeft.

Direct naar de hemel

Door dit verhaal werd lepra naast straf ook gezien als een teken van de genade van God. Net als Lazarus zou degene met lepra na de dood het vagevuur ontwijken en direct naar de hemel gaan.

Dicht bij het huidige stadhuis

In Amsterdam werden alle inwoners met lepra gedwongen om samen te wonen in het Leprozenhuis Sint Antoniegasthuis op de hoek van de Jodenbreestraat en de Lazarussteeg. Ongeveer op de plek waar nu het Mr. Visserplein ligt. De naam Lazarussteeg was een verwijzing naar de arme Lazarus. En het huidige Waterlooplein heette vroeger de Leprozenburgwal, vernoemd naar het Leprozenhuis. Het Leprozenhuis stond dus heel dicht bij de plek waar nu het stadhuis is.

Koppertjesmaandag

Een keer per jaar mochten de leprozen de stad in, op de eerste maandag na Driekoningen. Dit werd Koppertjesmaandag genoemd en gevierd door de Amsterdammers. Er was zelfs een leprozenrondgang waarbij de mensen die lepra hadden in een stoet over de Dam trokken. Soms lopend, soms zittend in sledes getrokken door paarden.

Schilderij in de bestuurskamer

Het Leprozenhuis werd gerund door 4 mannelijke regenten die de financiën afhandelden, en 3 regentessen die zorgden voor het huishoudelijk beheer. Daarnaast was er een binnenvader (de toezichthouder en dagelijks beheerder), 2 binnenmoeders (huishoudelijke taken en de medische afdeling), een portier, een assistent en een boekhouder. In de bestuurskamer hingen schilderijen waarop de regenten en regentessen te zien waren, de zogenoemde regentenstukken waar schilders erg goed aan verdienden.

Vier regenten en de binnenvader

Werner van den Valckert was een van de schilders die werd gevraagd om de regenten op canvas vast te leggen. Zijn schilderij ‘Vier regenten en de binnenvader van het leprozenhuis te Amsterdam’ toont, zoals de titel al doet vermoeden, de 4 regenten van het Leprozenhuis, en de binnenvader. De regenten zitten aan een tafel waarop een boek, documenten, een inktstel en een weegschaaltje staan. We kennen hun namen: Sieuwerd Sem (een van de 250 rijkste Nederlanders in de 17e eeuw), Hendrick van Bronckhorst, Ernst Roeters en Dirck Vlack. De naam van de binnenvader is onbekend.

Gierigaards

Achter de regenten is het verhaal van arme Lazarus en de rijke man in reliëf opgetekend. Ergens toch wel ironisch. Want de gelijkenis van arme Lazarus werd door de regenten niet erg nauw gevolgd. Het Leprozenhuis was namelijk rijk. Er werd goed verdiend aan proveniers, mensen die hun verblijf en verzorging in het leprozenhuis hadden gekocht, en visserij in het Ziekewater. Daarnaast had het Leprozenhuis ook een voormalig klooster met bijbehorende gebouwen en land in bezit. En die rijkdom wilden de regenten niet delen. Het stadsbestuur moest ze herhaaldelijk dwingen om andere armeninstellingen financieel bij te staan.

Typisch. Hoeveel geld zou Van der Valckert voor zijn schilderij hebben ontvangen?

De Collectie

De collectie van het Rijksmuseum bestaat uit meer dan een miljoen kunstwerken, publicaties en bezoekersverhalen. U kunt de collectie niet alleen in het museum, maar ook online bewonderen. In de rubriek De Collectie pikken wij telkens een Amsterdams schilderij, prent of tekening uit de collectie van het Rijksmuseum, en geven we daar context bij. Dit keer Vier regenten en de binnenvader van het leprozenhuis te Amsterdam door Werner van den Valckert.